De winst van open data voor onderzoek

Wetenschapper worden afgerekend op hun publicaties. Al jaren geleden riep de bio-informaticus Barend Mons, dat onderzoekers waardevol onderzoek doen, maar dat het zo jammer is dat ze de resultaten verstoppen in geschreven tekst. Hij bepleitte machine-leesbare nano-publicaties, waarbij de belangrijkste bevindingen gedeeld worden als voor een computer leesbare data. Dat maakt snellere kennisuitwisseling mogelijk. Vandaag de dag worden data steeds meer als zelfstandig resultaat van wetenschap erkent. Dat is bijvoorbeeld te zien in de definitie van onderzoeksresultaten, die Europa als onderzoeks-financier in het meerjarenplan Horizon2020 hanteert.

Naast publicaties worden ook data als zelfstandige resultaten van onderzoek erkend. Dat betekent nog niet dat onderzoeks-financiers eisen dat alle data open beschikbaar worden gemaakt. Maar ze vragen wel dat onderzoekers in een vroeg stadium nadenken over datamanagement. Kennisvalorisatie en kennisdisseminatie zijn de hoekstenen in Horizon2020. Het databeleid van de Rijksuniversiteit Groningen daagt onderzoekers daarbij uit om het principe ‘open, tenzij’ in ieder geval mee te wegen. En dat maakt het debat over de maatschappelijke meerwaarde van open data relevant voor de wetenschap.

Wetenschappers zijn niet alleen makers, maar ook gebruikers van data. Open overheidsdata zullen invloed hebben op onderzoeksmethoden bij vakgebieden als bestuurskunde en ruimtelijke wetenschappen. De winst van open data is nu al zichtbaar bij de mogelijkheden om onderzoeksresultaten letterlijk op de kaart te zetten. Visualisatie van onderzoeksdata op kaarten, gemaakt met open data, is een nieuwe tak van sport aan het worden. Aan de  Rijksuniversiteit ondersteunt de Geodienst onderzoekers, die hiermee aan de slag willen. Er is een ArcGIS online geoportaal, waar medewerkers en studenten data kunnen vinden, bekijken en downloaden, maar ook zelf data uploaden, analyseren en kaarten maken.

‘One size fits all’ beleid is voor hergebruik van onderzoeksdata niet haalbaar en niet wenselijk.  Aansluiten bij discipline-specifieke internationale standaarden en kansen is belangrijk bij dit veranderingsproces. Bij de universiteit gaan onderzoeksinstituten discipline-specifieke datamanagementplannen maken. Er staat een Research Data Office klaar om daarbij ondersteuning te bieden. Ook de juridische knelpunten moeten in een vroeg stadium goed doordacht worden. Onderzoeksdata komen in de toekomst vaker beschikbaar voor hergebruik. Dat kan in de eerste plaats voor controle door collega onderzoekers zijn. Maar er wordt ook ervaring opgedaan met open data. De EU heeft hiervoor een pilot in Horizon2020. En NWO heeft sinds 1 januari een pilot om wetenschappers hierover aan het denken te zetten. Als je speciaal hierover meer wilt weten, kom dan op 9 maart naar de informatiebijeenkomst in het Kasteel. Verschillende medewerkers van de universiteit zullen in ieder geval op 12 maart in het Infoversum meepraten over de winst van open data.